Mobiliteit

Brussel raakt alsmaar meer overbelast door het autoverkeer, dat hinder en aanzienlijke kosten genereert voor de Brusselse economie. Het gewest staat op de voorlaatste plaats in het klassement van aantrekkelijke Europese hoofdsteden voor investeerders, en dit komt voornamelijk door de mobiliteitsproblemen. Bovendien vertraagt de opeenhoping van wagens in de hoofdstad het openbaar vervoer met 25%.

Social profit bedrijven zijn niet alleen werkplekken, maar ook plaatsen die gemakkelijk bereikbaar moet zijn voor patienten en begunstigden (rusthuis, opvangcentra voor probleemjongeren, mensen met een handicap, ziekenhuizen, enz.). Andere bedrijven bieden thuisdiensten (thuiszorg, kinderopvang en thuisverpleging, enz.), wat elk uur van de dag hoge mobiliteit van werknemers impliceert (dag- en nachtwerk). Deze realiteit accentueert nog meer de kwesties van regionale mobiliteit en toegankelijkheid van de infrastructuur met het openbaar vervoer.

Als zodanig ondersteunt BRUXEO de implementatie van het beleid "GOOD MOVE", een beleid dat ambitieus is en een antwoord biedt op dringende uitdagingen, door middel van slimme fiscaliteit,  innovatieve oplossingen en de promotie van multimodaliteit.

Ten slotte vraagt BRUXEO een mobiliteitsbeleid die rekening houdt met de volgende aspecten: 

BRUXEO vraagt de Brusselse overheden om

  1. In de mobiliteitsprogramma’s rekening houden met (parkeerplan, parkings, enz.) de specifieke kenmerken van de socialprofitsector (nachtwerk van de verpleegsters, verplaatsing van de lesgevers, opleiders naar het werk, enz.).
  2. Zorgen voor parkeerkaarten tegen een verlaagd tarief voor werknemers die niet in de gemeente van hun werkplaats wonen.
  3. De toegang tot het huis van de gebruikers vergemakkelijken voor de mobiele werknemers (gratis parkeerkaarten, toepassing van de tarifering van de zorgverstrekkers, enz.).
  4. De tussenkomst van de overheden uitbreiden betreffende het instaan door de werkgever voor de kosten die verband houden met het gebruik van het openbaar vervoer voor de ‘woonplaats-werkplaats-trajecten’, door zich met name te inspireren op de derdebetalersovereenkomsten die momenteel bestaan bij de NMBS voor ‘City pass-abonnementen’ in steden zoals Gent, Antwerpen, Luik en Charleroi. De technische details hierover, vindt u in het document "Komt er een Brusselse City Pass?" links deze pagina.
  5. In alle Brusselse gemeenten voor voldoende openbaar vervoer zorgen dat een echt alternatief biedt voor de auto, en flexibiliteit, veiligheid en snelheid garanderen om de jobs aantrekkelijker te maken en om de diensten toegankelijker te maken voor de bevolking.
  6. De dienstwagens van de socialprofitondernemingen de mogelijkheid bieden om gebruik te maken van dezelfde uitzonderingen als de wagens van commerciële ondernemingen in het kader van de toepassing van de LEZ.
  7. De interfederale overlegmomenten aangrijpen om de mobiliteit naar en in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest te analyseren en te versterken.
Contactpersoon
Kelly
Timperman
02 210 53 09